Fêtes galantes

Jaar: 1942

Auteur: Paul Verlaine (1844 - 1896)

Kunstenaar: André Dignimont (1891 - 1965)

Uitgeverij: Creuzevault

Fêtes galantes, titelpagina

Paul Verlaine las op 14-jarige leeftijd Baudelaire’s befaamde Les fleurs du mal (De bloemen van het kwaad) en besloot dichter te worden. Hij werd in Metz geboren, verhuisde naar Parijs en kreeg daar een eenvoudig baantje op het gemeentehuis. Naast dit respectabele leven leidde hij een ander bestaan: hij bezocht bordelen en kroegen en leerde de zogeheten Parnassiens kennen, een groep dichters rond Leconte de Lisle. Zij keerden zich af van de emotionele poëzie (Lamartine, Musset) en schreven onder het adagium l’art pour l’art onpersoonlijke maar sterk visuele gedichten, geïnspireerd door de klassieke oudheid en exotische streken. De naam ontleende de groep aan het tijdschrift Le Parnasse contemporain, waarin Verlaine gedichten publiceerde toen hij 22 was, in 1866. Zijn bohémien-leven stond steeds meer in het teken van zijn verslaving aan absint, een heldergroene, alcoholrijke likeur die onder decadente dichters in de mode kwam als 'de groene fee'.

Le Parnasse contemporain werd uitgegeven door de boekhandelaar Lemerre, vertegenwoordiger van een klein religieus fonds. Op 20 februari 1869 trad Lemerre op als uitgever van Verlaine’s bundel Fêtes galantes, gedrukt op kosten van de auteur in een oplage van 350 exemplaren. Het was, na de Poèmes saturniens (1866) en gedichten over de lesbische liefde Les amies (1867), zijn derde dichtbundel. De titel werd ontleend aan een schilderij van Watteau. Het Louvre opende in 1867 de Lacaze-zaal met werk van 18de-eeuwse schilders als Watteau, Fragonard en Boucher, die door Verlaine werden bewonderd. De gedichten naar aanleiding daarvan gaan over liefde in een kunstmatige wereld. Ook de figuren uit de commedia dell’arte (Pierrot, Arlequin en anderen) vormden een inspiratiebron en werden al eerder in de 17de-eeuwse poëzie bezongen. Charme is hier een sleutelwoord.

Charmante illustraties

De gedichten van Fêtes galantes lenen zich voor charmante illustraties in die 18de eeuwse galante stijl. In de Koopman Collectie zijn uitgaven ervan geïllustreerd door George Barbier, Serge de Solomko, A. Calbet, Marie Laurencin en André Dignimont. Dignimont begon als schilder van landschappen, naakten en portretten. Hij exposeerde onder andere werk in de Salon van Araignée (opgericht door de illustrator Gus Bofa) en legde zich meer en meer toe op de illustratiekunst. Voor deze Verlaine-uitgave zijn de tekeningen van Dignimont gereproduceerd door Georges Beltrand en ingekleurd door Edmond Vairel. De pastelkleuren sluiten nauw aan bij de galante scènes. De illustraties van circa 9 bij 8 centimeter tonen vooral landschappen: parken, bossen, grotten, lanen, tuinen en vijvers. De menselijke figuren zinken daarbij in het niet: de figuren in hun 18de-eeuwse kostuums zijn maar één centimeter groot. Hun gezichten hebben geen herkenbare trekken: het zijn meestal lege ovalen, zonder ogen, neus of mond. De maskerade sluit goed aan op de thematiek van Verlaine. De uitgave verscheen in 450 exemplaren, waarvan dit (nummer 142) werd gebonden in half leer door E. Schroth uit Basel.

De vernieuwing in de poëzie van Verlaine is vooral gelegen in zijn eigenzinnige gebruik van ritme. Zijn dichterschap blonk niet zozeer uit in diepgaande psychologie of schokkende beelden, maar in de muzikaliteit van zijn taal en in de suggesties die hij opriep. Hoewel zijn vernieuwende taalritmes hebben bijgedragen aan de ontwikkeling van het vrije vers, heeft Verlaine zelf het rijm altijd behouden. 'De la musique avant toute chose', zoals hij het formuleerde in zijn Art poétique. In Nederland werd zijn werk sterk bewonderd en in het tijdschrift van de jongste generatie destijds, De nieuwe gids, wijdde Willem Kloos er warme woorden aan. Eerder al had J.N. van Hall hetzelfde gedaan voor de oudere generatie, in De gids. De Haagse uitgever J. Blok (Maison Blok) nodigde Verlaine uit om voordrachten over de Franse poëzie te komen geven, waar Verlaine graag op inging vanwege het ruime honorarium.

  • Pagina 45 met illustratie door André Dignimont

Twee weken in Nederland

In november 1892 bezocht Verlaine Den Haag, Leiden, Amsterdam en tenslotte opnieuw Den Haag. De stem van Verlaine klonk zo zacht dat sommige toehoorders niet konden horen wat hij over de Parnassiens te zeggen had, maar de gast was zo beroemd, dat het al een genoegen was hem in levende lijve te kunnen aanschouwen. Verlaine vertelde maar weinig over het soort dichtkunst dat hij voorstond. Hij las vooral verzen van collega-dichters en van zichzelf. Die laatste las hij het beste voor en ze oogsten veel bijval. Gegeten werd er ook en het diner waarbij de toen beroemdste Nederlandse dichter tegenover zijn Franse evenknie kwam te zitten werd voer voor anekdoten. Willem Kloos en Paul Verlaine kwamen niet tot een flitsende literaire conversatie. Meer dan een'Monsieur Klooze, aimez-vous la salade?' werd er niet gezegd. Het bezoek van Verlaine heeft zijn sporen nagelaten in de memoires van menig Nederlands auteur. Bij Verlaine zelf waren de herinneringen meteen weggezonken. Op verzoek schreef hij er wel een boekje over Quinze jours en Hollande (Twee weken in Nederland), maar daarvoor moest hij eerst zijn gastheren vragen wat er precies was voorgevallen en beschreef hij uiteindelijk ook dingen die helemaal niet waren gebeurd, zoals een bezoek aan het Mauritshuis.

Bibliografische beschrijving

Beschrijving: Fêtes galantes / Paul Verlaine ; ill. de Dignimont. - Paris : Creuzevault, 1942. - [45] p. : ill. ; 25 cm

Drukker: Marthe Fequet et Pierre Baudier (Parijs) (tekst) Georges Beltrand (houtsnedes)

Oplage: 549 exemplaren

Exemplaar: Nummer 142 van de 450 op Rives

Bijzonderheid: Geparafeerd door de uitgever

Boekbinder: E. Schroth (Bazel) Bibliografie: Carteret IV-393 ; Monod-11095

Aanvraagnummer: KW Koopm L 129

Literatuur

  • Alain Buisine, Paul Verlaine, histoire d’un corps. Paris, Tallandier, 1995
  • Jaap Harskamp, Biecht & ballingschap: Het Nederlandse beeld van Verlaine 1890-1940. Amsterdam, De profundis, 1996
  • Paul Verlaine, Correspondance et documents inédits relatifs à son livre 'Quinze jours en Hollande'. La Haye, Maison Blok; Paris, Floury, 1897
  • Paul Verlaine, Een droom vreemd en indringend. Amsterdam, Van Oorschot, 2002
  • Paul Verlaine, Quinze jours en Hollande: Letttres à un ami. La Haye, Maison Blok; Paris, Vanier, 1893
  • Paul Verlaine, Twee weken in Holland: Brieven aan een vriend. Vianen, Kwadraat, 1985
  • Louis Vis, 'Verlaine in Nederland', in: La France aux Pays-Bas: Invloeden in het verleden. Vianen, Kwadraat, 1985, p. 154-199