Poes in verdrukking en verzet
Voedselschaarste
Al snel na het uitbreken van de oorlog in september 1939 gingen de eerste levensmiddelen op de bon, en naarmate de oorlog voortschreed nam de voedselschaarste alleen maar toe. In huisdierenvoeding was bij de distributie maar in zeer beperkte mate voorzien. Niet geheel onterecht want de voeding van de mens en het economisch belangrijke vee ging natuurlijk voor. Maar daardoor werd het een probleem om huisdieren voldoende te voeden. Zij kregen de schaarse restjes van wat de pot schafte of werden als de nood aan de man kwam buiten de deur gezet of afgemaakt. Voor de ondernemer bood de schaarste nieuwe mogelijkheden: Er wordt onder andere geadverteerd voor het bonvrije kattenvoer PoesPoes. Bonvrij, dat betekent geen vlees, geen vis, geen zuivel, geen vet, geen graanproducten en geen andere schaarse levensmiddelen. Waar het dan wel van gemaakt werd is niet duidelijk, en of de kat het lust kunnen we ook ernstig betwijfelen, al suggereert de advertentie uiteraard van wel.
Kattenvlees
Ernstiger werd het, met name voor katten, toen de schaarste toenam. De kat leed niet alleen onder een karig rantsoen, zij moest ook oppassen niet zelf in de pot te belanden. Kattenvlees smaakt tenslotte naar konijn. Sommige krantenadvertenties laten weinig te raden over: ‘Katten gevraagd. Kostenloos afgehaald. Pijnloos dooden’ . Ook de Dierenbescherming waarschuwt in advertenties in de krant: 'Pas op uw hond of poes, of ook uw dier verdwijnt spoorloos'. En de cartoon uit het NSB-blad De Zwarte Soldaat is niet onrealistisch. Ook het kattenvel was gewild voor het maken van warme mutsen, wanten en andere kledingstukken.
Ook poezen zaten dus op de bevrijding te wachten.
Literatuur
- Paul Arnoldussen, Poes in verdrukking en verzet, 1940-1945. Uitgeverij Digitalis, Utrecht, 2013. Aanvraagnummer 2353307
- Website van Paul Arnoldussen