De Blauwe Schuit: Die Predigt des neuen Jahrs

De tweede uitgave van De Blauwe Schuit was de eerste met de karakteristieke illustratie van H.N. Werkman. De tekst ervan was van de Duitse theoloog Martin Buber. Predikant Henkels, die in 1931 een lezing van de auteur had bijgewoond, had deze tekst gesuggereerd.

Martin Buber, Die Predigt des neuen Jahrs (1941)


Mystieke tekst van Martin Buber

Het is de eerste van vijf Blauwe Schuit-uitgaven met werk van Buber, en tevens de eerste die met de keuze voor een mystieke chassidische tekst de kant van de bedreigde joodse gemeenschap koos. Werkman maakte in 1936 al een eigen uitgave met een joods thema: Pesach 1936. Daarvan bestaan maar enkele exemplaren. In 1940 gaf Henkels hem het boekje van Buber, Die Legenden der Baalschem (1907), te leen. Hiervan was een Nederlandse vertaling verschenen in 1927: De legende van den Baalsjém. Gekozen werd voor de legende 'Die Predigt des neuen Jahrs'.

Werkmans beelden bij de tekst

De verhalen van Buber fascineerden Werkman, die er al lezend vele schetsen bij maakte. Op 17 februari 1941 schreef hij dat het omslag nog wilde lukken, maar dat de legenden hem 'prachtige beelden' opleverden. Op 17 maart was het omslag wel helemaal klaar: 'Klaar met het drukken van de omslagen zie ik er nu uit als een blauwverver, die blauwe inkt is haast niet van de handen te verwijderen'.

Begin maart was Werkman bezig aan de tekst, op 6 maart drukte hij de tekst met het colofon in proef, op 21 maart ontving Henkels zijn deel van de oplage, namelijk 20 exemplaren. Henkels betaalde de rekening nog voordat Werkman die eind april verstuurde.

De Blauwe Schuit-uitgave is geen vertaling; de legende is in het Duits afgedrukt op groot formaat geel papier. De Nederlandse toelichting door Henkels is op een veel kleiner formaat gedrukt op wit papier en daarachter ingeplakt. De voorzijde van het omslag is door Werkman geïllustreerd. De toelichting eindigt met een paar regels over de werkwijze van Werkman, die voor illustraties in gedrukte boeken ongebruikelijk was. Reproducties waren er op gericht om in elk exemplaar exact hetzelfde plaatje te tonen, maar zo werkte Werkman niet. Hij manifesteerde zich hier als drukker/kunstenaar, die varieerde op een thema: elk omslag was anders en uniek.


De afbeelding op het omslag

Volgens de toelichting van Henkels stelt het omslag 'het visioen van een Oostjoodsch Ghetto' voor, waarin 'het blauw van den nacht' en 'het koude wit van het maanlicht' overheersen. Afgebeeld zijn scheve huizen, bochtige straatjes en een dichte bebouwing. En, aldus Henkels: 'Heel het Ghetto droomt in dezen nacht zijn verwachting van Maschiach, bevrijder en verlosser van zijn volk...' Henkels herinnerde Werkman er in juni 1942 aan dat hij het omslag baseerde op een litho van het 'ghetto' door Hugo Steiner-Prag bij Gustav Meyrinks roman Der Golem. Werkman had daarvan een 'metaphysisch' bedoelde bewerking gemaakt.

De techniek van Werkman

In de toelichting schreef Henkels: 'De teekening werd voor elk exemplaar met de hand vervaardigd, dus niet volgens eenig mechanisch drukprocédé. De hierbij gevolgde techniek werd door H.N. Werkman uitgevonden en in jarenlange studie en proefneming ontwikkeld en wordt door niemand anders ter wereld toegepast. Dientengevolge draagt elk exemplaar van het omslag een individueel karakter.'

Het individuele karakter van elk omslag kan alleen bepaald worden door verschillende exemplaren naast elkaar te tonen. De verschillen zijn opvallend.


Hoe maakte Werkman de omslagillustratie?

Het omslag in een in blauwe verf uitgevoerde 'tekening' op bruin pakpapier. Voor de torens die afsteken tegen de nachtelijke hemel maakte Werkman sjablonen; misschien wel een nieuwe sjabloon voor elk exemplaar. De vlakken op de voorgrond zijn gemaakt met de inktroller, de strepen zijn 'getekend' met de zijkant van de inktroller. Gesuggereerd is dat andere, ijlere vormen, zijn gestempeld, of afgedrukt met een vel ingeïnkt papier of karton. In sommige exemplaren is rechtsonder een heuvel afgebeeld, in andere exenplaren ontbreekt die en is de voorgrond moeilijker te duiden.


Proeven voor de uitgave

Van de uitgave is in de collectie van Museum Meermanno een proef bewaard. Die bevat het omslag met daarin twee losse gevouwen katernen van vier pagina's. Beide zijn op het gele papier gedrukt dat ook voor de latere uitgave is gedrukt. Op beide vouwbladen is alleen de eerste pagina bedrukt, met de titel en drie alinea's van de hoofdtekst. Ze staan in het eerste vouwblad bovenaan de pagina, en in het tweede op dezelfde hoogte als in de definitieve uitgave. Het eerste is onregelmatig gedrukt. Waarschijnlijk komen deze proeven uit het bezit van Henkels: hij ontving op 21 maart 1941 behalve zijn aandeel van 20 exemplaren (één derde van de oplage) ook 'de drukproeven (in het proefomslag)'. Maar hij kreeg ook 'de overgeschoten vellen met olie- en vingervlekken' en de 'overgeschoten minder geslaagde omslagen'.

 

    Er is in de collectie van de Koninklijke Bibliotheek ook een proef bewaard van de 'Korte toelichting bij tekst en omslag'. Het zetsel is grotendeels gelijk aan de definitieve uitgave, maar er zijn 12 correcties in potlood en inkt aangebracht. Ze verbeteren typische slordigheden, zoals een herhaald woord, verkeerde letter, vergeten letters en teveel spaties. Ook zijn er enkele vergeten of nu toegevoegde komma's aangegeven.

    Na de correctie slopen er andere foutjes in. In de proef komt geen gerezen wit voor (een zwart blokje tussen de woorden), maar in de voltooide uitgave wel. Namelijk op pagina 2, regel 9 van boven, tussen 'der' en 'bevrijding'. Dat had kunnen worden voorkomen.

    H.N. Werkman, 'De messiaansche verwachting' in Chassidische legenden, suite 2, prent 7 (1942-1943)

    De legende van Die Predigt des neuen Jahrs zou ook het onderwerp worden van één prent in de Chassidische legenden, namelijk prent 7 van de tweede suite.

    Daarin zou juist niet het getto als geheel donker worden afgebeeld, maar enkele bewoners, die zittend voor hun deur wachten op de komst van de messias.

    [Auteur van deze bijdrage: Paul van Capelleveen]

    Copyright

    © De teksten van Martin Buber worden hier gereproduceerd met exclusieve toestemming van The Marsh Agency namens The Estate of Martin Buber.

    Beschrijving van BS 2

    [Martin Buber], Die Predigt des neunen Jahrs. [Met: 'Korte toelichting bij tekst en omslag. door F.R.A. Henkels]
    [4] pagina's, ingenaaid in omslag, met [4] pagina's ingeplakt tegen binnenzijde achteromslag, 367x245 mm
    Februari 1941 (colofon)
    Letter: Hollandsche Mediaeval (tekst), Egyptienne (toelichting)
    Oplage: 60 (colofon, brieven).
    Papier omslag: Lichtbruin Kraft-papier, eenzijdig gekalanderd (pakpapier), niet gevergeerd maar met een persing van evenwijdige lijnen (als in BS-4, BS-15 en BS-25). Papier binnenwerk: geel gevergeerd machinaal papier met een opvallende vergure. Papier toelichting: crème gevergeerd machinaal papier met een opvallende vergure.
    Colofon: '"Die Predigt des neuen Jahrs", een chassidische legende van Martin Buber, werd in opdracht van De Blauwe Schuit gedrukt in Februari 1941 door H.N. Werkman, die ook het omslag maakte. De oplage is beperkt tot 60 ex., die niet in den handel komen en bestemd zijn voor de vrienden van De Blauwe Schuit.'

    Literatuur