Grossmann bracht drie maal een bezoek aan Nederland. In 1629 was hij in Leiden en in 1630 voor korte tijd in Den Haag, maar zijn uitgebreidste bezoek was in 1634. Vanuit Hamburg reisde hij met een vriend naar Amsterdam, ging hij door naar Leiden en Den Haag en keerde terug over Den Bosch (waar hun schip bijna door een groep rovers uit Breda werd aangevallen).
Een van de parels in zijn album is de penseeltekening die hij Rembrandt wist te ontfutselen. Zou daarbij met de geldbuidel gezwaaid zijn? De levenswijsheid die schilder plaatste, wekt de indruk van niet: ‘Een vroom gemoed acht eer voor goet’.