De Fabrieksbode

Het eerste nummer van de Fabrieksbode, 24 juni 1882

Met 121 jaargangen is de Fabrieksbode van de Delftse vestiging van het chemiebedrijf DSM het langst onafgebroken verschenen bedrijfsblad ter wereld. De eerste aflevering verscheen op 24 juni 1882 en de publicaties liepen onafgebroken door tot media 2001: eerst als weekblad, later als veertiendaagse editie en gedurende de laatste jaren als maandblad. In het jaar 1882 verscheen de eerste jaargang, waarmee 2001 de 120ste zou zijn. Echter, door een merkwaardige fout in de telling in 1989 is er sinds dat jaar één jaar te veel gerekend. De vermelde 121-ste jaargang is er dus één te veel, maar ook met 120 jaargangen blijft de Fabrieksbode recordhouder!

Met de Fabrieksbode streefde Jacobus Cornelis van Marken, directeur en oprichter van de Nederlandsche Gist- & Spiritusfabriek, naar tweerichtingsverkeer. In de praktijk kwam daar echter weinig van terecht. Niemand waagde zich aan opmerkingen over de bedrijfsvoering. Het zou nog zeker zeventig jaar duren voordat het zover kwam. 

Schaftlokaal bij de NV Nederlandse Gist- en Spiritusfabriek te Delft

's Avonds thuis

De Fabrieksbode blijft vooral de spreekbuis van Van Marken. Artikelen ter "educatie" en "morele verheffing" nemen een belangrijke plaats in. De gistfabriek is een micromaatschappij: behalve voor werk zorgt het bedrijf ook voor wonen, voor onderwijs, voor winkels en voor ontspanning. 

De fabriek wordt gezien als een club en de Fabrieksbode als het clubblad, zoals blijkt uit het motto van het blad: 'De Fabriek voor Allen. Allen voor de Fabriek'. In de rubriek ''s avonds thuis' staan vanaf het eind van de negentiende eeuw verhalen, zoals een fabel van La Fontaine. In een tijd zonder radio en televisie vormt de rubriek 'Uit de buitenwereld' het venster op gebeurtenissen in de wereld. De Boerenoorlog in Zuid-Afrika wordt in iedere editie uitvoerig belicht. 

Afstand

Na het overlijden van Van Marken in 1906 volgt een verandering van toon. Waar Van Marken een nogal vaderlijke stijl hanteerde, is de toonzetting opeens veel zakelijker. De afstand tussen directie en medewerkers lijkt toe te nemen. Het eerder geschetste beeld van de maatschappij op zich, waar alles door, voor en vooral met elkaar gebeurt, vervaagt. Tekenend voor deze omslag is een citaat uit de editie ter gelegenheid van het veertigjarig jubileum van directeur François Gerard Waller in 1925:

Voorop staat echter, dat het bedrijf er is om de voortbrenging te dienen. Dat is een gewichtige en grootsche taak, die de volle aandacht van iederen mensch eischt, hem geheel in beslag neemt en niet altijd veel ruimte laat voor grote gevoeligheden.

Kritische noten

Pas in de tweede helft van de twintigste eeuw krijgt de medewerker het woord. Kritische noten ten aanzien van het ondernemingsbeleid ontbreken nog of worden in zeer bedekte termen geuit. Langzaam maar zeker ontwikkelde het tijdschrift tot een waar communicatiemiddel. 

Echte inhoudelijke kritiek op het gevoerde beleid verschijnt voor het eerst in het jaar 2000. Medewerkers geven hun ongezouten mening tijdens een grote reorganisatie die de DSM-vestiging in Delft: '...ik ben niet erg onder de indruk van de gepresenteerde plannen. Het beleid [...] lijkt niet erg consistent', en: 'Stellen we de mens centraal of het geld?'.

Monument

Ongeveer tegelijkertijd houdt de Fabrieksbode op te bestaan. Het interne medialandschap binnen DSM in Delft is zodanig veranderd, dat middelen als Internet en Intranet een belangrijker rol in de personeelscommunicatie hebben ingenomen. Toch heeft het tijdschrift gedurende meer dan een eeuw zijn werk gedaan. Met een vermelding in het Guinness Book of Records kan met recht gesproken worden van een monument. 

In 2001 schonk DSM schonk de complete editie van de Fabrieksbode aan de KB. De 70 jaargangen zijn gedigitaliseerd en te raadplegen op Delpher.